Ambitie enzo

Qua ambitie blijk ik een blog toch zeer ambitieus te benaderen, gezien de lengte van dit schrijven. Ik heb niks weggelaten, bewust. Neem dit mee in het lezen van het onderstaande, wie weet verklaart het het één en ander 😉

———————————————————————————————————————————–

Heb mijn hersenen  – voor zover die functioneren – even laten kraken en knisperen en qua geheugen kwam ik ergens bij de zesde klas uit. Wat tegenwoordig groep acht genoemd wordt. De Cito-toets. Niet alleen de daadwerkelijke ‘score’, maar vooral de samenvatting in woorden. Van de ‘deskundigen’. Zoiets als:  “VWO niveau, maar rekenkundige kant zou een struikelblok kunnen worden” (helemaal waar!). En iets over ‘ambitie’ en ‘willen’, zoiets kan ik me nog herinneren. Ook helemaal waar. Achteraf. Met het VWO is het daarom ook nooit wat geworden, voornamelijk dankzij die drie dingen.

Ambitie. Ik geloof dat Moeder Natuur totaal vergeten heeft om dat gen bij mij te plaatsen. Wat het rekenkundige betreft; ik weet heus wel wat een pak melk kost. Moet ik meer weten? Zag laatst mijn zesde klasrapport nog en daar stond toch echt een 8 voor rekenen. Ik kan mij mijn eerste 6 voor wiskunde nog herinneren en de buikpijn van die eerste 6 (dat voelde als een 3, ik was een strebertje ja, nu aardig ongeloofwaardig, maar waar) en verloor dan ook meteen de ambitie om ook maar iets te begrijpen van wiskunde. Ik snap het niet, ik vind het niet leuk, wat heb ik eraan en waarom zou ik me er druk om maken? Adieu inzet. Het is nooit meer goed gekomen met cijfertjes en heb ook niet de ambitie dat te veranderen.

Ambitie. Wat is dat? Soms voel ik dat het zo’n maatschappelijk ding is. Hogerop komen, status, jezelf ontwikkelen en ontplooien. Dat laatste, daar geloof ik in. Met de jaren, gaat dat vanzelf. Maar ik ervaar bij mezelf ook een absoluut ontbreken van ambitie en vooral: hang naar status. Altijd al zo geweest. Waarom hebben vele anderen dat en waar verwijst ambitie dan naar?  Misschien heb ik gewoon wel ambitie, maar op een ander vlak. Zal wel weer gaan over ‘aardig gevonden willen worden’ en andere sociale of wereldverbeterende, betweterige dingetjes op microniveau. Of gewoon de ambitie hebben dat ik er wat van moet zien te maken vandaag. En morgen. Wat ik niet tegenspreek hoor.

Zwevend van basisschool en Cito naar beroepstesten altijd weer hetzelfde liedje. In beroepskeuzetest op Middelbare school  scoorde ik hilarisch laag op het gebied van ‘status en ambitie’ en hoog in ‘creativiteit’ en ‘sociaal’.  Ik vind mensen nou eenmaal duizend keer interessanter dan cijfers en scoren. Dat neemt niet weg dat ik het niet leuk vind geld uit te geven hoor!  Wat ik dus door het ontbreken van die ambitie niet heb. Later, in werkgerelateerde persoonlijkheidsprofielen,-  en testen wederom die ongevoeligheid voor status. Het achtervolgde me zelfs in reïntegratie-profielen (je ziet, ‘k heb er heel wat gedaan ;p). Status, ik denk er niet eens over na en daarom ook niet over anderen. Ik weet niet eens in welke auto iemand rijdt, wat Peter dan soms weer heel grappig vindt. Een leuk tiep in een Fiat Panda imponeert mij meer dan een leeghoofd in een Porsche, zoiets?

Qua ambitie heb ik – erover nadenkend – heus wel iets voor ogen gehad. Ik hoorde ooit iemand praten over haar werk – toen ik op het punt stond een opleiding te kiezen – en dacht:  “Dat is het, dat wil ik ook” (bedankt nog, Karin).  Zij werkte bij Tesinkweide (Medisch Kleuterdagverblijf) en uiteindelijk is het me gelukt (heus niet vanzelf en ineens, pff wat een gedoe en geslijm) om daar te komen. Ik heb er fijne jaren gehad. Veel geleerd. Mijn ambitie daar kwam neer op mezelf ontwikkelen om steeds het beste uit mezelf te halen om de kinderen zo goed mogelijk te helpen. Leren van ervaringen, leren van je team. Altijd een fijn team gehad. Prettige mensen om me heen, misschien was dat wel mijn ambitie. En ja, heb uiteindelijk video-hometraining mogen doen bij gezinnen thuis en toen ik na acht jaar groepsleidster zijn ‘wel eens wat anders wilde’, ben ik beland in het Kinderopvang Plus project. Dat had meer met ‘uitgeken op’ dan ‘ambitie’ te maken. Want verveling, dat ken ik niet en als ik dat heb dan doe ik er wat aan.  Helaas, toen ik net m’n draai had gevonden op het gebied van coaching, toch een nieuwe uitdaging,  kwam die noodgedwongen stop vanwege dat chronische ziekte-gedoe. Had er ook net wel een tweede kind uit gepoept, maar dat terzijde.

Als ik ergens ambitie heb ervaren – voor zover ik dat heb – is het wel in dat proces. De ambitie om in ieder geval mijn werk te behouden. Dat gevecht – naast alle persoonlijke gevechten –  heeft 2 jaar geduurd. Niet vechten in de zin van tegenwerking, het tegendeel was het geval, maar een persoonlijk gevecht met medici en bazen die ik het tegendeel wou bewijzen. “Ik kan heus nog wel werken”.  Tot ik er zelf achter kwam dat mijn echte ambitie ligt in het gewoon prettig willen hebben, fijn kunnen leven, zorgen dat ik in ieder geval thuis iets kan betekenen. Daarin lag en ligt mijn ambitie. Noem het mutserig, ik noem het logisch. Moet gezegd, met een beetje dwang van buitenstaanders en wettelijke gedoetjes. Het ‘geef het nou maar op’ van deskundigen versus mijn ‘dat zullen we nog wel eens zien’ was een onhaalbare strijd. Ik heb niet gewonnen en toch weer wel. Achteraf. Maar dat zag ik later pas. Moeilijk uit te leggen.

Ik heb enorm veel bewondering voor een ieder die zichzelf nog steeds voortdurend ontwikkelt in studies, werk  en andere zaken. Gewoon, omdat ze dat zelf willen en fijn vinden en omdat het een positieve bijdrage levert aan hun welbevinden. Ik vraag me wel eens af: als ik niet ziek was geworden, had ik dat dan ook gedaan? De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen: nee. Want ik hoef niet nog meer HBO of universitair van mezelf. Voor anderen sowieso niet, voor mezelf nog minder. Ik zou het gewoon leuk willen hebben in mijn werk, vooral met leuke mensen om mij heen. Daar kom je niet veel verder mee, ik weet het. Maatschappelijk gezien. In mijn denkwereld dan weer wel.  Helemaal geen zin in geploeter. Nooit. Dus tien jaar na dato, áls ik nog zou hebben gewerkt, zou ik er hoogstwaarschijnlijk – qua status – niet verder mee zijn gekomen. Maar zou het wel leuk hebben, daar zorg ik dan altijd wel weer voor. Gebrek aan ambitie, tsja. Je koopt er geen Dolce & Gabbana of een Porsche mee, maar vogelvoer voor het vogelhuisje en je download dat muziekje nog maar een keer.  Je moet toch wat, zonder ambitie. En ik voel mij niet eens ongelukkig. Integendeel. Gek toch wel. Maatschappelijk gezien. En dat zonder al die papieren. Ik geef het je te doen. Nu zorgen dat ik mijn kinderen – mochten ze enige vorm van ambitie wel hebben – blijf aanmoedigen en stimuleren. Maar ik hoor mezelf te vaak zeggen: “Als jij het maar leuk hebt schat. Hou het wel gezellig”. Fuck  ja, dat is erg, geloof ik. Maar ik ben dan wel weer zo’n zeikerd bij een leerkracht die niet wil dat een creatieve kant (en noodzaak in mijn ogen) van één van mijn kids genegeerd wordt. En groot is dan mijn vreugd te vernemen dat ut kind vertelt dat het de volgende dag zichzelf mocht uitleven in schilderen & co. “Ik wist niet eens wat ik precies moest doen, maar het was wel leuk. Leuker dan rekenen”. Kijk, is dat ambitie of niet?  Vinnik wel! 😉

Viva la vida.

M x

Ik ben trouwens met een missie bezig. Niet dat ik ook maar iemand wil dwingen om iets mooi te vinden, maar dit is gewoon te prachtig om niet te delen. Na 12 maanden is mijn favoriete album van 2011 een feit. Van dat album, dit nummer