Gefeliciteerd

“Gefeliciteerd”.

Aldus degene die mij een hand gaf toen mijn opa was overleden. En toen kreeg ik de slappe lach. Geen idee wie dat was trouwens. We zaten met veel familieleden in de huiskamer van opa en oma. Het was zomervakantie en net zoals wij hadden de meeste familieleden hun buitenlandse vakantie ook moeten afbreken.

Wij zelf (vader, moeder, broer en ik) waren net in Hongarije gearriveerd, toen we weer huiswaarts moesten. Ik ben dus ooit twee dagen in Hongarije geweest. Wat me er het meest van bijgebleven is zijn de twee ongeschoren dames in bikini waarbij op z’n minst twee halve pakjes Drum onder de bikinibroek vandaan kwamen. En dat ik de kans niet kreeg te ontdekken hoe een poestaworst nou echt smaakte.

Het was warm die dag in die kamer. Mensen waren emotioneel en moe (ik herinner me de rit van twee dagen terug met een heel verdrietige moeder). Ik vond het ook erg, want ik vond het een hele leuke opa. Waar ik als peutertje nog even bij in huis heb gewoond. Heel veel jaren gespeeld heb in ‘zijn’ schuur. Waar ik ook verjaardagspartijtjes vierde. En al die jaren al die zondagmorgens waarop de hele familie bij elkaar kwam en in die schuur speelde met neven en nichten.

Hier foto’s vanuit de schuur. Ik zie vooral neven aanwezig, nicht Tineke, mijn broer en het enige meisje dat geen familie was. Dus ik vermoed een van die zondagmorgens. Maar ook neef Henk van mijn andere familiekant. Door het meisje en neef Henk misschien toch verjaardagsfeestje. Thema: neef.

mm  m1 00000

Volgens mij heette dat meisje Marieke, maar hoe of wat, geen idee. Ik danste wel met haar dus absoluut leuk. Met de neef helemaal rechts (tweede foto, gele trui, brilletje) danste ik jaren later ook een tijdje, tijdens dansles als veertienjarige. Vreselijk vond ik het, dansles, dat ballroomgetut. Je deed het omdat dat het eerste ‘uitgaan’ was op je veertiende. Neef Rick was daar wel goed in en heeft mij vaak gered uit de handen en onhandige voeten van die høkende holeberen die destijds (jaren tachtig) alom vertegenwoordigd waren in mijn regio.

Ik vind dit trouwens een grappig beeld. Zo sta ik vrolijk in een bloemetjesjurk te dansen en zo zit ik ineens heel sip op een stoel, beetje waterige oogjes, blijkbaar net gehuild. Er zal wel iets niet naar wens zijn gegaan op een gegeven moment, niet naar mijn wens vermoed ik. Dat heb je met kinderen, zo onvoorspelbaar. Dat vond ik vroeger als kind al vreselijk, dat kinderen alles in de war kunnen schoppen. Dat beeld van mountain high, river deep. Jantje huilt, Jantje lacht. Goh.

Dat ik uiteindelijk met kinderen ben gaan werken (en er zelfs twee heb gekregen) is nogal opmerkelijk. Uiteraard niet de gewone, juist de vreemde eenden (qua werk, privé valt het mee). Je hoeft niet eens psycholoog te zijn om daar een conclusie uit te trekken.

Het schattige kereltje in rode trui is mijn blogneef Gerbie. Vol van interessante verhalen. Kijk maar op zijn blog. Grote neef in oranje trui links op de foto met dat sliep uit-gebaar (broer van de dansneef) is uiteindelijk cabaretier geworden. Aan de foto te zien lijkt ook niemand zich ergens druk over te maken, behalve een sip type op een stoel met vreselijke Piedro schoenen. Die moest ik aan, met een afschuwelijk verhoogd stuk onder één schoen, vanwege kromme rug en beenlengteverschil. En altijd de keuze uit vijftig tinten bruin.

Grote neef was altijd al van de gebaren. Dit is nog een onschuldig gebaar. Jaren later stond Sliep Uit vanachter zijn slaapkamerraam te zwaaien naar Willem en Máxima met z’n blote Sliep Fluit, toen zij ons dorpje bezochten. Die minachting voor de monarchie druipt al jaren uit zijn poriën. Dat maakt deze foto aandoenlijk. Ik vermoed dat ie al heel lang geen oranje trui meer draagt. Afgelopen jaar won ie de Poelifinario.

In de schuur van opa Louie dus, bij wie ik vele malen op schoot heb doorgebracht, in zijn vaste stoel bij de gaskachel, samen vogeltjes kijken. Met zijn vogeltjesboek altijd naast hem. Hij wist alles van vogeltjes. Ik denk dat daar mijn liefde voor tuinvogels is begonnen. Net zoals mijn moeder dat heeft. Ik kan met niemand anders zoiets onbenulligs delen als met mijn ma. ‘Ja, mijn merel was er ook weer!’ en de aaibaarheid van roodborstjes. Nog steeds weet ik er te weinig van. In het voorjaar ligt het vogelboek en de verrekijker binnen handbereik, maar vaak denk ik: “Opa zou dit wel hebben geweten, van die rare gele”.

Na de zoveelste beroerte van opa, toen hij amper meer kon praten, zat ik af en toe naast hem. Niet meer op schoot. En dan wees ie soms met z’n gehalveerde vinger (zaagmachine) naar buiten en dan zei ik: “Ik zie hem opa, een Vlaamse Gaai!” En dan lachte hij, of kneep even in mijn hand. Mooi dat lachen altijd blijft bestaan, ook al heb je weinig woorden meer. En dat ik toen dacht dat alle opa’s oud waren. Hij was 64 toen hij stierf, nu snap ik pas waarom dat veel te jong was.

Pas heel veel later begreep ik dat opa Louie op lokaal niveau ook serieus een rol heeft gespeeld in het verzet tegen de Duitsers. Het verbaast me niets, want driftig worden en verzet tegen onrecht, dat tekende hem. Als iemand hem niet begreep en dat hij dan heel driftig met die halve vinger priemde naar desbetreffende en riep: “Nee, nee…ieje, ieje (dialect voor jij)…nee!”. Die frustratie. Als je niet meer kunt praten.

Hij reed altijd in een Dafje en soms gingen opa en oma er wel eens tussenuit, met opoe op de achterbank. Die bij hen in huis woonde. Maar hij heeft nooit van z’n leven ook maar een kilometer op de Duitse Autobahn gereden. Zo diep zat het. Over principieel gesproken. Ik heb er vaak aan terug gedacht tijdens al die uren in al die jaren die ik richting vakantieplek wél heb doorgebracht op de Autobahn. Heb me wel eens verontschuldigd. En toen mensen het woord ‘Uber’ als zijnde hip gingen gebruiken. Toen moest ik ook vaak aan hem denken. Wat zou hij dat erg hebben gevonden. Ikzelf heb het ook nooit gebruikt, altijd al een nare hippe term gevonden. Komt vast door opa.

En soms, als ik gefrustreerd raak over mijn eigen communicatie, dan verlang ik wel eens naar mijn afasieopa. Omdat ik vermoed dat juist hij dat non verbale zou snappen. Knijpen in elkaars hand. Luisteren naar die fantastisch zingende merel in de lente. Als je hoofd vol is van communicatie en prikkels en dat je alleen maar stilte wenst. Of een merel. Hij zou dat begrijpen.

De condolerende man was zenuwachtig en vergiste zich uitgerekend bij mij. En ik kreeg de slappe lach tussen al die verdrietige mensen. Zo erg dat ik weg moest. Naar opoe’s kamertje. Een combinatie van het onverwachte, de labiele sfeer en mijn eigen ongemakkelijkheid. Dat mijn lieve, koppige vogeltjes- en verzetsopa ineens dood was. En dat mijn moeder zo verdrietig was. Moeders mogen nooit verdrietig. Schuuropa. Het dunne lijntje tussen huilen en lachen.

Ik was dertien.

5 gedachten over “Gefeliciteerd”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s