Schouders, snuiven en soepkommen

Dagen komen en gaan. Dat klinkt blasé en wellicht clichématig, maar iedere dag die voorbij komt – ook een mindere (misschien juist een mindere) – geeft stof tot nadenken. Niet dat ik daar om vraag. Integendeel. Op mindere dagen wil ik helemaal niet denken, maar omdat je dan niet zoveel doet, doe je dat dan juist. Er gaan dagen voorbij dat ik niet zoveel nadenk. Of gedwongen wordt ergens over na te denken terwijl ik daar eigenlijk geen enkele behoefte aan heb. Op goede dagen ‘doe’ ik vooral. Op mindere dagen ‘zie’ ik vooral en ik ben er nog niet over uit wat uiteindelijk vermoeiender is. Ik vermoed het laatste. Terwijl feitelijk ‘zien’ hetgeen is waar ik juist nu zo enorm dankbaar voor ben.

Afgelopen weekend pauzeerde ik in het zonnetje, ik had nog een trui aan, want autorit. Veel meer lente, zon en warmte dan mijn trui en lange broek uitstraalden, merkte ik op dat terras. Nippend aan een eindelijk in de hoogte gekregen loodzware soepkom koffie (kleintje Starbucks, ben geen fan van firma S.), zag ik vanaf het terras iemand parkeren op een rolstoelparkeerplek. (Voor)oordelende alarmbellen gingen rinkelen. Te vaak zag ik bepaalde mensen op zo een plek parkeren, mensen van het type: “De wereld moet zich maar aan mij aanpassen. Hunnie bakken er niks van en zullie zijn een grote boevenbende”. Stereotiepe, ongenuanceerde wel-de-lusten-niet-de-lasten-types. Je kent ze wel.

Om vervolgens die stok te zien die uit het autoportier verscheen, vastgehouden door een jonge, overduidelijk blinde meid. Jurkje, slippertjes, lach op haar gezicht. Voor ons langs lopend hoorde ik haar metgezel vragen: “Zullen we in de zon of in de schaduw?” Ik heb het antwoord niet gehoord en ze verder niet meer gezien, maar gezien haar uitdrukking en kledij vermoed ik de keuze voor zon, maar als je het echt van je gevoel moet hebben zou het zomaar schaduw kunnen zijn. Ik ken haar niet en weet het dus niet. Ik weet wel dat ze zich beter gekleed had betreffende weersomstandigheden dan ik.

Een natuurlijke focus op het gevoel. Zo stond zij die ochtend op. Dat echt voelen hetgeen is waarop je navigeert. Zonder zicht zijn gevoel en gehoor jouw kompas. Ik weet heus wel dat ik moet stoppen met dat eeuwige relativeren, maar fuck it, op zo’n moment denk ik werkelijk dat ik wie dan ook op m’n blote knieën dank dat ik misschien de koffie niet meer ruik en proef, maar dat ik wel de beker koffie zie en kan vastpakken. Zelfs een kleintje Starbucks. Oké, misschien speelt een cafeïne-verslaving een rol, who cares. Zelf naar zon en schaduwplekken kunnen lopen. In staat ben mijn lief en kinderen aan te kijken, in de ogen kijken, zien wanneer het wel of niet goed gaat. Heel subtiel. Vanzelfsprekend ook. Kleuren, rare mensen, leuke mensen, iemand die moe is. Iemand die een uitstraling heeft waar je U tegen zegt. Autorijden, fietsen, zien dat je haar raar zit of spinazie tussen je tanden. Die riem bij die broek en die schoenen.Vieze wc-brillen. Het ene blauw is het andere niet. Lobelia’s en zonnebloemen. Lupines. Geen Dahlia’s. Nuances. Zien hoe eten eruit ziet en dat opeten, ook al proef je het amper, is zoveel meer intens dan nooit meer het rood van een tomaat of  het frisse groen van verse  kropsla zien. En hoe moet je dan die biologische scharrelkipfilet in plaats van de plofkip of kiloknaller uit een schap zien te halen? Hoe kom je überhaupt bij een supermarkt?

Gelukkig hoef ik daar niet echt over na te denken. maar heel stiekem ben ik wel een beetje blij dat van alle aanvallen van links zo’n beetje alles onder handen is genomen de afgelopen tijd, behalve mijn grote loyale vriend, die Linkeroog heet. Als indiaan zou ik die naam kiezen. Iets pathetischer misschien: “Linkeroog op Golven”. Maar ik drijf nu waarschijnlijk iets af.  Ik weet niet wie die engel op mijn schouder is, maar ik wil hem of haar bij deze enorm bedanken. Zul je zien, is het een indiaan. “Golvend Linkeroog Op Krakkemikkige Schouder”.

Ik geniet van nu. Superlente. Ook al ben ik er nog niet, is doseren nog zo’n dingetje en doe ik vooral mijn best om venijnige aanvalletjes te negeren: mindere dagen zijn meer dan ooit minder en beter. Terugtrekken is niet erg als ik op m’n verandaatje zit en zie hoe de tuin barst en uiteen lijkt te spatten van groen en kleur. Om toch even te zeiken, ik kan constateren dat ik van alle geuren de geur van de lente het meest mis. Maar met heel dichtbij en heel diep snuiven kan ik het toch nog steeds ruiken. Ook al moet je even plat en met neus op 3 centimeter afstand van het pas gemaaide gras, het kan!

Om het lot nog meer te helpen overweeg ik een permanent plakplaatje op mijn schouder. Zit te denken aan zoiets

jb-indian-head-10

Maar dan moet ie wel lachen. Ik weet niet wat het is, maar ik heb werkelijk nog nooit een afbeelding van een lachende indiaan gezien. Jullie? Ja, Hiawatha in de Donald Duck, maar dat is het dan wel. Bijkomstig feitje, Justin Bieber heeft ook een indianen-tattoo op z’n schouder vernam ik. En die gaat tegenwoordig als een snuivend speertje (zie hier de similariteit). Dus…

Oudste heeft vandaag haar laatste examen gehad. Weinig stress hier, veel vertrouwen, toch twee enerverende weekjes als je degene bent die het moet doen. Veel leuks in het verschiet. Bijna teveel leuks. Prioriteiten en doseren. Soms iets doen, soms iets voorbij laten gaan. Ik heb afgelopen weekend sinds maanden weer gedanst! Ik word beter in Nee zeggen, maar ook in Ja zeggen. Want Nee heeft veel te lang gedomineerd. Hoe dan ook, ik word elke dag weer een neuslengte wijzer. Poog ik te denken. Maar het praat vooral nogal makkelijk als lichaam en geest een beetje weer meewerken. Vooral dat laatste. Zien is één, voelen is de motor die menselijkheid aandrijft. Stagneert dat, dan zie je sowieso niets. Lees: voelen. En die eerste keer dat je weer oprecht ziet en lacht – als je dat weer echt ervaart. Zonder masker. Daar kan de geur van pas gemaaid gras vooralsnog niet tegenop.

2 gedachten over “Schouders, snuiven en soepkommen”

  1. Wat is dat met die logjes die ik lees bij mijn ontbijt vandaag? Wat een knap staaltje schrijfwerk opnieuw. Ik raakte direct in de sfeer, zoog me op in het verhaal en dacht: “Thomas, sukkelaar, wat zit jij te knoeien met je pen?”
    Heerlijk logje, dit !

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s