Woorden

words4

Een blog is leuk, voor de dingen in je hoofd die een uitlaatklep kunnen gebruiken. Bovendien schrijf ik liever dan ik praat. Ik kan doorgaans heus wel praten, ik weet zelfs zeker dat degenen die mij redelijk kennen op sommige momenten wel eens gewenst hebben dat ik mijn mond zou houden. Of hoopten dat ik meer tot de kern zou komen. Ik drijf nogal gauw af. Of meninkjes. Of praten over onderwerpen die niemand interesseert. Teveel woorden.

Soms zijn er echter tijden dat woorden nergens te bekennen zijn. Het clichématige River Deep, Mountain High. Was ik maar niet zo. Veel gedachten. Geen woorden. Uitverkocht. En hoezeer ik zou willen ‘gemiddeld en gematigd’ te zijn, inmiddels heb ik maar te accepteren dat ik niet zo ben. Watje dus.

Ik heb het goed. Heel goed. Wat betreft gezin, vrienden, huis, omgeving en zoveel dingen om van te genieten, zo voor het grijpen. Kosteloos. Dankbaar voor. Fysiek gaat het momenteel prima. En toch krijgt het mentale gestel het elke keer weer voor elkaar mij voor een tijd uit te schakelen. Wat MS betreft heb ik doorgaans alle controle. Is ook een monster, maar vooralsnog, in dit stadium, kan ik hem prima aan. Soms slecht lopen, soms pijn, vermoeidheid is lastig, loepje erbij als iemand weer eens een mailtje stuurt in opmaak Times Roman min 24, maar is zeker goed te doen als je weet hoe het werkt. Iedereen heeft wel wat. Het mentale monster daarentegen, degene die mij onthoudt van voelen, woorden en licht blijkt ten alle tijden sterker en wint altijd. Ik kan (nog) niet tegen hem op. Het schakelt mij uit, weet niet eens zeker of ik dan verdrietig ben. Het voelt vooral naar niets. Niets is: onvrijwillig geen aandacht voor anderen, veel missen, stilte willen, bang zijn als iemand belt of komt, je waardeloos voelen. Achter de feiten aanlopen. Vooral geen spiegels. Iets lezen, maar niet ‘zien’. Iets horen, maar niet ‘luisteren’. Lieve mensen om je heen die het lastig hebben, zou er zoveel meer voor hen willen zijn. Waar je net iets te laat achterkomt. Doen alsof, maar vooral niet in beeld zijn is het best. Geen woorden. En dat je in een positie bent dat je alleen maar dankbaar kunt zijn voor alles wat je hebt – wat ik heb. Een blijere partner, moeder willen zijn. Dat schuldgevoel lijkt de perfecte voeding voor dat grimmige, wordkilling monster dat allang bestond voordat het zenuwmonster zich aandiende. Medisch gezien schijnen die twee monstertjes toch al een huwelijk te hebben, zeker in combinatie met Interferon. En dat er altijd wat is en dat ik al zoveel loop te zeiken. Of juist niks zeg, dus. Gelukkig heb ik nooit griep. Rijp voor therapie, weet ik. Moet ik maar doen :p

Maar mijn beste therapeut is dood. Moby. Die was niet van de ontvangstbevestigingen en vragen als: Wat vind je zelf? (“Ik vind niks van alles, daarom zit ik hier dus, meneer of mevrouw De Peut”). Over twee, drie weken zal alles weer in bloei zijn, schat ik. Ik kom er nooit meer, de vijver. Ik hoop dat die ene paarse krokus tussen de narcissen nog steeds eigenwijs aanwezig is, zoals ie jaren was. Ik zal binnenkort even kijken. Lastig, met die overbekende gele vreugde, zonder mijn grijze vreugde daartussen, voor het eerst dit jaar. Heus, de scherpe kanten zijn er inmiddels af, maar juist in bepaalde tijden mis ik mijn beste maatje enorm. Zoals nu. Dat je niets hoeft uit te leggen en dat er niks van je verwacht wordt. Dat geen woorden ook oké zijn. Samen weg, samen lentekriebels, samen rennen, samen op de bank en samen stilte. Met die kop op schoot, altijd fluweel voelen. Hoe meer somber, des te meer kop en fluweel dichtbij. Dan wordt alles al gauw lichter. Koester mijn herinneringen. Als je op deze foto klikt, dan komt het licht je tegemoet. Probeer maar…

2011-03-30 13.35.42

Met mens-therapeuten moet je altijd praten. Zucht.

Als het licht niet zozeer aanwezig is, dan moet je het zelf maar opzoeken. Soms letterlijk. Zo gingen we dus drie dagen naar Lissabon vorige week. En de oceaan. Meer dan heerlijk. En zie, mijn woorden komen terug. Moe, maar zoveel minder woordenmoe. In de afgelopen twee dagen heb ik meer woorden gebruikt dan in de afgelopen twee maanden. Nu even oppassen dat ik niet ga overdrijven, want ik voel dat ik veel moet inhalen en zou het liefst in één week weer op peil zijn wat betreft alle sociale contacten, mails, bezoekjes, etcetera. Dat gaat niet, heb al iets overdreven en als je je eenmaal voorzichtig weer zichtbaar maakt, dan gaat alles ook weer voor de volle honderd procent lopen en ik merk dat dat nog nét iets teveel is. Sla dan weer dicht. Maar het begin is er en vooralsnog laat ik dat licht niet los. Back on track, maar dus nog met beleid. Heb even een beetje geduld lieve vrienden, die ik meer zou willen bieden dan ik nu doe. Soms zit je toevallig met anderen in een bepaald duister schuitje, hoe verschillend de omstandigheden individueel ook zijn. Het is niet anders. Dank aan de mensen die, ondanks mijn stilte, bleven praten, fijne dingen schreven. Kaartjes stuurden. Zonder mijn woorden, toch weten. Ik zou van alles willen zeggen aan diegenen. Maar ja, die woorden. Dit – deze muziek – zegt duizend maal meer dan ik verbaal zou kunnen. Daarom dit. Voor jullie.

“I’m gonna try to seize the sun
I’m gonna try to give you some”

2 gedachten over “Woorden”

  1. en hier moet ik weer om huilen.. good old Moby.. je bent vast in een enorm veld met de mooiste bloemen..

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s