“Houston, we have a problem”

Eén van de velen vandaag. Persoonlijk vond ik ‘m erg grappig. Dood en humor, op één of andere manier hebben die twee dingen al gauw een verbintenis. Elk heengaan van iemand die te jong sterft is triest. Als je wereldwijd bekend bent is het niet meer of minder triest en vinden ineens opvallend meer mensen je leuker en beter dan toen je nog leefde. Ik vond Whitney Houston vroeger altijd een enorm mooie vrouw, jaloersmakend mooi. Persoonlijk heb ik nooit zoveel met haar zeikliedjes gehad, maar stiekem wenste ik zo te kunnen zingen i.p.v. mijn enige vermogen alleen in de buurt te komen van Barry White – stemtechnisch gesproken. Of André van Duin’s “Ik ben de bas”. Zingen kon die meid, zo. Maar niet het soort zingen wat mij daadwerkelijk raakt. Muziek is persoonlijk, mooi toch.

Ik denk dat er veel mensen zijn overleden gisteren. Vraag me niet naar de statistieken. Enkele kinderen in Afrika vermoed ik, een paar in Syrië voordat ze de geneugten van de puberteit konden ervaren, een Franse vader van twee jonge kinderen en een Drentse moeder en echtgenote. Een tweeëndertig-jarige zus, moeder en dochter uit Rotterdam (helaas een feit, vandaag te horen gekregen). Een jonge zoon uit Colombia met een overdosis en een meisje in India. Anonieme mensen, veel verdriet. Natuurlijk snap ik de impact van bekendheid. De massa. De behoefte om ‘samen’ te rouwen. De dynamica die ontstaat na zoiets als het overlijden van een celebrity fascineert mij. Dood als verbintenis tussen volkeren. Michael Jackson, Amy Whinehouse, velen denken ze oprecht te kennen en voelen zich verbonden in internationale rouw. Maar in hoeverre voelen we echt dat verdriet? Het oprechte verdriet. Of vinden we dat we verdrietig moeten zijn, omdat dat zo hoort? Vinden we de Elfstedentocht allemaal even leuk zoals de echte schaatsliefhebbers dat vinden? De media denkt van wel. En als de media het zegt, vinden wij dat ook. Als ineens bekende Nederlanders Whitney Houston fantastisch blijken te vinden, dan zijn wij helemaal niet meer te houden in onze adoratie. Heerlijk gevoel, dat dat ineens mag. Dat je gewoon ineens een Whitney video op je Facebook mag zetten, terwijl je dat daarvoor nooit en te nimmer zou durven. Stel je voor. Whitney Houston.

Familie en oprechte fans van Houston zullen daadwerkelijk verdrietig zijn. Als Bowie morgen dood gaat zou ik een dag of wat behoorlijk aangeslagen zijn. Maar nooit zoals zijn familie of naasten dat zullen zijn. Trouwe lezers van mijn blog weten mijn fascinatie voor leven en dood inmiddels. “One Moment In Time”. Ik had Whitney, als mens, meer gegund. Meer geluk en een langer leven. Zo zonde. Ik vergeef haar de enorme draak “And aaaaaiehaaaaaaaiii…” Jeukeriger kun je ze niet krijgen, liedjes. Maar een stem had ze, mooi was ze ook. En ik denk ook heel lief.

En morgen gaat iedereen weer naar het werk of naar de bakker. Zonder de knoop in de maag van het verlies van een dierbare…. Maar we hebben wel het gevoel gehad dat we iets hebben betekend. Als individuutje. Dat we aanwezig waren, gezien en gehoord werden vandaag. Want stil verdriet is een lastige emotie. Collectief huilen is zoveel eenvoudiger. Ik wens dat ik meer zou kunnen huilen. Ontlading. Laat ik dat moment nou toevallig hebben gehad vandaag. Alleen, uit het zicht van een ieder. Deur op slot. Niks met een bekende artiest te maken, alles met tandvlees en doen alsof. Zo is dat soms.

Salut.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s